Nieuws

jul
19

Wijzigingen in subsidieregeling AMIF en ISF bekendgemaakt

Minister Grapperhaus en Staatssecretaris Harbers (beiden Justitie en Veiligheid) hebben nieuwe wijzigingen gepubliceerd met betrekking tot de subsidieregeling AMIF en ISF 2014-2020. De aanpassingen hebben betrekking op de projecten Eurint en ERIN. Daarnaast zijn de bepalingen voor reis- en verblijfskosten herzien.

Voor de project Eurint en het project ERIN is door de Europese Commissie additioneel budget beschikbaar gesteld. Dit is vervolgens in het Nationaal Programma op projectniveau vastgelegd. Hieraan is direct gekoppeld wie het betreffende project kan gaan uitvoeren.

Het project ERIN wordt uitgebreid met activiteiten gericht op gezamenlijke terugkeer waardoor deze activiteit nu ziet op gezamenlijke terugkeer en re-integratie en de projectnaam gewijzigd wordt naar ERRIN. De nieuwe uiterste indiendatum voor deze specifieke projecten wordt vastgesteld op 31 december 2018, 17.00 uur. Het subsidieplafond wordt verhoogd. Er is nu in totaal € 44.380.000 beschikbaar. Hiervan is € 7.470.000 gereserveerd voor gezamenlijke terugkeer, voor het project Eurint en € 24.355.000 voor gezamenlijke re-integratie, voor het project ERRIN. Het project, waarvoor subsidie wordt aangevraagd, mag maximaal tot 1 juli 2022 duren. Deze aanpassingen zijn met ingang van 20 juli 2018 van kracht.

 

Voor de specifieke maatregelen, bedoeld in bijlage Ha van de Subsidieregeling AMIF en ISF 2014–2020 is het wenselijk om projectleden uit overige lidstaten verblijfkosten te laten declareren op basis van het door de Europese Commissie gehanteerde systeem van dagvergoedingen. Met deze wijziging wordt voor de specifieke maatregelen een eenduidig kader voor de verantwoording van verblijfkosten vastgesteld. Deze beleidsregels zijn eveneens van toepassing op de bijlagen Ha, Hb, Hc en Hd van de Subsidieregeling AMIF en ISF 2014–2020. De beleidsregels werken terug tot en met de datum van inwerkingtreding van die bijlagen.

Terug naar overzicht