Cookievoorkeuren
InstellingenIk ga akkoord

Nieuws

feb
13

Ontwikkeling van sector Geothermie vergt aanpassing SDE+

De geothermiebranche is een relatief jonge sector die sterk in ontwikkeling is. Eind vorig jaar heeft in opdracht van het ministerie van EKZ een evaluatie plaatsgevonden van het bestaande financiële instrumentarium, waaronder de RNES Aardwarmte, SDE+ en diverse Green Deals. De conclusie was dat het bestaande financiële instrumentarium naar behoren functioneert. In de Beleidsbrief geothermie informeert de minister de Tweede Kamer over de komende beleidsvoornemens voor de sector.

Het doel van het programma Risico’s dekken voor aardwarmte is het afdekken van het geologisch risico dat het boren van putten voor de toepassing van aardwarmte niet succesvol is. De subsidiemodule dekt het risico dat de aangeboorde watervoerende laag slechter is dan verwacht, waardoor het vermogen dat vooraf verwacht werd, niet behaald wordt. In dat geval wordt voor een deel van de gemaakte kosten een subsidie uitgekeerd, gerelateerd aan de mate waarin de aardwarmteboring geslaagd is. Niet alleen voor banken is het een belangrijke eis dat ingeschat kan worden wat het productievermogen zal zijn. Ook voor het aanvragen van de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE+) moet het vermogen met tenminste 50% waarschijnlijkheid worden ingeschat om te voorkomen dat er onnodige reserveringen onder de SDE+ worden gedaan. De SDE+ biedt projectontwikkelaars een mogelijkheid om de onrendabele top van geothermieprojecten vergoed te krijgen. De subsidieregeling RNES Aardwarmte zal de komende vijf jaar, jaarlijks worden opengesteld. 

 

De vergunningenstructuur die de huidige Mijnbouwwet voor de winning van aardwarmte voorschrijft, is identiek aan die voor de winning van delfstoffen: eerst wordt een opsporingsvergunning verleend, vervolgens een winningsvergunning en de winning moet plaatsvinden volgens een door de minister goedgekeurd winningsplan. De ervaring met de eerste geothermieprojecten laat zien dat de huidige reguleringssystematiek onvoldoende aansluit bij de specifieke kenmerken van geothermie. De minister verwacht in de loop van dit jaar een voorstel tot wijziging van de Mijnbouwwet in te dienen bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel introduceert enerzijds een eigenstandige methode van regulering voor geothermie en zal anderzijds een aantal versterkings- en versnellingsmaatregelen bevatten. De minister denkt aan een systematiek waarbij een operator eerst een gebiedstoewijzing aanvraagt, op grond waarvan hij nader onderzoek kan doen naar de ondergrond en op basis waarvan hij subsidie (SDE+) kan aanvragen, en de financiering en technische organisatie verder kan regelen. Voordat er gestart kan worden met boren, testen en de eerste periode van winning zal de operator een startvergunning moeten aanvragen. Tot slot zal de vergunninghouder een vervolgvergunning moeten aanvragen met het oog op de definitieve vaststelling van het winningsgebied en de winningsactiviteiten. 

 

Ook wil de minister de aansluiting met de eisen voor een SDE+ aanvraag optimaliseren. Op dit moment moet een SDE+ aanvraag vergezeld gaan van vergunningen die noodzakelijk zijn voor de realisatie van de productie-installatie. In de praktijk gaat dit om de opsporingsvergunning en de benodigde omgevingsvergunning(en). De SDE+ regelgeving zal op dit punt worden aangepast, en de eis voor een benodigde omgevingsvergunning vanuit het Rijk zal worden losgelaten. Om te kunnen beoordelen of de aanvrager van de subsidie een serieuze partij is, zal het hebben van een gebiedstoewijzing aardwarmte afdoende zijn. De gebiedstoewijzing borgt dat er een goed onderbouwd plan ligt met daarin onder andere de business case, afname en zicht op eigen vermogen. Het blijft belangrijk dat een reservering onder de SDE+ ook tot een concreet project leidt. 

 

Klik hier voor inzage in de Kamerbrief. 

Terug naar overzicht