Nieuws

nov
11

SDE++ aangepast voor REDII duurzaamheidseisen

Per 1 januari 2023 geldt de plicht om aan te tonen dat biomassa (ook wel biogrondstoffen genoemd) die wordt verbrand in EU ETS installaties voldoet aan de Europese duurzaamheidseisen om deze in aanmerking te laten komen voor nul-emissie. Indien installaties dit niet kunnen aantonen, telt de emissie van de verbrande biomassa volledig mee als fossiele uitstoot.

De nu gepubliceerde wijziging van de Regeling handel in emissierechten en de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie geeft vorm aan het nationale systeem voor duurzaamheidsaantoning dat hiervoor is ingericht. Met de inrichting van dit systeem wordt aan EU ETS installaties de mogelijkheid gegeven om aan te tonen dat de verbrande biomassa voldoet aan de van toepassing zijnde duurzaamheidseisen. Deze duurzaamheidseisen vloeien voort uit de zogenaamde REDII-richtlijn van de Europese Unie.

Concreet krijgen subsidieontvangers met een installatie van 20 MW of groter die vóór 2019 een subsidiebeschikking hebben ontvangen met de nu gepubliceerde wijziging van de algemene uitvoeringsregeling de mogelijkheid om ook biomassa in te zetten die aan de duurzaamheidseisen uit de REDII voldoet. Voor deze subsidieontvangers wordt in de uitvoeringsregeling de mogelijkheid toegevoegd om in plaats van maximaal 30% gecontroleerde biomassa, maximaal 30% houtige biomassa uit bosbeheereenheden in te zetten die voldoet aan de duurzaamheidseisen van de REDII.

Dit betekent dat ministens 70% van de houtige biomassa uit bosbeheereenheden moet voldoen aan duurzaamheidseisen uit het nationale kader. De subsidieontvanger mag dus voor 30% afwijken; binnen deze 30% staat het de subsidieontvanger bovendien vrij om te kiezen voor een combinatie van gecontroleerde biomassa en biomassa die aan de REDII voldoet.

Terug naar overzicht