WBSO subsidie is generiek toepasbaar voor allerhande R&D

WBSO is de springplank naar vele innovatiefaciliteiten
De WBSO regeling biedt een fiscale korting op de loonbelasting die over personeel dat R&D uitvoert wordt afgedragen, alsmede op overige specifiek voor R&D bestede kosten en -uitgaven (voorheen RDA), zoals investeringen in machines, materialen, ontwikkellicenties, of (uitbestede) kosten voor de bouw van een prototype. In deze context betekent R&D technisch-wetenschappelijk onderzoek, de ontwikkeling van technisch nieuwe (delen van) producten of processen, de ontwikkeling van technisch nieuwe (componenten van) software en de koppeling van eigen software aan andere applicaties. Een aanvraag WBSO-subsidie kan door een flexibel indieningsregime vandaag nog worden ingediend.

Wijzigingen in 2016
De WBSO en RDA wordt in 2016 samengevoegd tot één instrument, genaamd de WBSO. Hierdoor kunnen bedrijven zowel voor loonkosten als overige R&D-kosten en -uitgaven fiscaal voordeel aanvragen via de WBSO, waarbij dezelfde percentages gelden voor alle kosten en uitgaven. Tot en met 2015 bood de RDA een aftrekpost op de Vennootschapsbelasting (VpB), zodat bedrijven met een (compensabel) verlies hier geen directe voordelen van hadden in de cashflow. Met de aanpassing voor 2016 kan subsidie op de overige R&D-kosten en -uitgaven in 2016 als een aftrekpost op de afdracht loonbelasting worden toegepast, waarmee voortaan wel een direct (cash) voordeel kan worden genoten.

Overige belangrijke wijzigingen voor 2016:

  • Bedrijven kunnen bij het aanvragen van de WBSO kiezen voor een forfaitair bedrag of voor een werkelijke inschatting van de overige R&D-kosten en -uitgaven. De keuze die bij de eerste aanvraag voor kalenderjaar 2016 wordt gemaakt, is bindend en geldt voor het hele kalenderjaar. De voordeelpercentages en staffels per vennootschap veranderen:
    • Tarief eerste schijf: 32% tot €350.000 (was 35% tot €250.000 in 2015), daarboven 16% (> €350.000).
    • Tarief eerste schijf starters: 40% (was 50% in 2015).
  • De compensatie van overige R&D-kosten en uitgaven wordt opgeteld bij de loonkosten en belast tegen het bijbehorende percentage (32% ≤ €350.000; 16% > €350.000). Hierbij heeft de aanvrager de keuze uit:
    • Een forfaitaire vergoeding ad:
      • €10/S&O-uur (€10 x 32% = €3,20/uur netto), tot een maximum van 1.800 S&O-uren per kalenderjaar.
      • €4/S&O-uur (€4 x 32% = €1,28/uur netto), voor alle overige S&O-uren boven de 1.800 S&O-uren per kalenderjaar.
    • Werkelijke inschatting van overige R&D-kosten en -uitgaven, indien bij de eerste aanvraag wordt verwacht dat het totale forfait in het hele kalenderjaar lager zal uitvallen dan de begrote kosten.
  • De WBSO in 2016 geldt voor nog maar 2 soorten innovatieve projecten:
    • Technisch-wetenschappelijk onderzoek (TWO).
    • Ontwikkeling van technisch nieuwe fysieke producten, fysieke productieprocessen of programmatuur.
  • Voor het uitvoeren van een analyse van de technische haalbaarheid of technisch onderzoek kan in 2016 geen WBSO meer worden aangevraagd.

Aan WBSO verwante faciliteiten

Met een zogenaamde S&O-verklaring wordt een ondernemer een Innovatieve Ondernemer en is  het mogelijk om van verschillende innovatiefaciliteiten gebruik te maken:

  • Innovatiebox
  • Borgstelling MKB Kredieten (BMKB)

De Innovatiebox is een speciale tariefbox binnen de vennootschapsbelasting (VpB). Voordelen die in de box vallen worden belast tegen een effectief tarief van 5% in plaats van het toptarief van 25%. In de praktijk kan de Innovatiebox tot een halvering van de belastingdruk leiden. De Innovatiebox is van toepassing op winsten die voortkomen uit octrooien en/of uit WBSO-projecten. Een optimale benutting van de Innovatiebox is niet eenvoudig. Alvorens een dergelijk overleg aan te gaan is het van belang uw mogelijkheden goed in te schatten. Innofunding werkt hiertoe samen met specialisten van Crowe Horwath Foederer, die zelf aan de wieg van deze regeling hebben gestaan.

Vanaf 2013 kunnen Innovatieve Ondernemers er ook voor kiezen om de innovatiebox over een vast bedrag (forfait) toe te passen. Men kan dan 25% van de winst aanmerken als voordeel voor de innovatiebox tot een maximum van € 25.000. Voor dit deel van de winst geldt dan een VpB-tarief van 5%. Door de maximering op deze innovatieve winst is de regeling met name nuttig voor het MKB.

Bij de BMKB staat de overheid voor maximaal 50% borg voor een nieuwe bancaire kredietfaciliteit van maximaal 1 miljoen Euro. Doordat de overheid garant staat voor een deel van de lening, kan een bank eerder bereid zijn om een lening te verstrekken. Voor startende en innoverende bedrijven gelden extra gunstige voorwaarden. Voor een MKB bedrijf met een S&O-verklaring staat de Overheid borg voor 60% van de lening, bij een nieuw krediet van maximaal € 1,5 miljoen. De looptijd mag maximaal 12 jaar bedragen, vanaf de datum waarop de kredietovereenkomst is gesloten. Uiterlijk op de eerste dag van het veertiende kwartaal waarin de kredietovereenkomst is gesloten, moet worden begonnen met de aflossing.

ir. Jaap Bunnik

  • Projectontwikkeling
  • Regionale subsidies
  • Maatschappelijke en zorg subsidies

ir. Sijmen Verveer

  • Technologie en innovatie
  • Industriële investeringen
  • Software-ontwikkeling

Contactgegevens